BarokOpera Amsterdam verlangt naar De Vuurtorenwachter

Niemand die de koers bepaalt. De natuur beslist. Het lot beslist.

Na een ‘valse start’ eind vorig jaar gaat BarokOpera Amsterdam nu dan toch echt het land in met de nieuwe voorstelling De Vuurtorenwachter: woensdag 20 april in Kampen. Markant: alle communicatie op het podium verloopt via gebarentaal.

We zijn dolende schepen op een woest kolkende zee. Alle schroeven onder ons roestvaste bestaan zijn losgedraaid. Krampachtig houden we ons vast aan de reling van oude waarden, schoorvoetend ontdekken we een nieuwe wereld. Niemand die de koers bepaalt. De natuur beslist. Het lot beslist. Wanhopig zijn we op zoek naar één persoon: de vuurtorenwachter. Rots in de branding. De eenzame man op zijn post, die iedere avond het licht van zijn toren ontsteekt, een baken voor dolende schepen.

Bas-bariton Vitali Rozynko zingt de rol van de vuurtorenwachter, sopraan Elvire Beekhuizen vertolkt zijn vrouw én de stem van de zeemeermin. Ze bezingen hun bestaan, de liefde, het lot en de berusting. De zeven instrumentalisten, zittend op een rots aan de voet van de vuurtoren, spelen een vijftiental aria’s en duetten uit het rijke barokrepertoire met zowel ‘grote hits’ als onbekende juwelen van Händel, Purcell en Monteverdi. De choreografieën van danseres en acrobate Francesca Orso geven toegang tot de werkelijkheid van de dove zeemeermin. Op Keltische klanken, die opvallend veel overeenkomsten vertonen met de barokmuziek.

My dearest, my fairest
We zien en horen het verhaal van de eenzame vuurtorenwachter, dromend van een imaginary friend. De geest van zijn vrouw is bij hem en roept Cupid voor hem op. Een storm steekt op. Een zeemeermin spoelt aan. Ze leert lopen en probeert zich aan te passen aan het leven en de routines van de vuurtorenwachter. Samen zingen ze het liefdesduet My dearest, my fairest. Al gauw verlangt de zeemeermin terug naar de zee, haar zee. Uiteindelijk accepteert de vuurtorenwachter het onoverkomelijke gemis en brengt hij haar terug naar het water…

Gebarentaal
Gedwongen door de anderhalvemetermaatregel, die tijdens de repetitieperiode van kracht was, en geïnspireerd door de dove zeemeermin is besloten om alle communicatie tussen de personages te laten verlopen via gebarentaal. Daar waar mogelijk doen de vocalisten als ze zingen zélf de gebaren, in de andere gevallen wordt het door een van de instrumentalisten gedaan. Mirjam Stolk, tolk Nederlandse gebarentaal, en Iris Wijnen, zelf doof én docent gebarentaal, hebben de zangers, de danseres/acrobate en de musici begeleid bij het aanleren van de officiële gebarentaal. De Vuurtorenwachter is bij uitstek geschikt voor slechthorenden.

Frédérique Chauvet: “De gebaren zijn een wezenlijk onderdeel van de voorstelling geworden. De regisseur heeft er iets sierlijks van gemaakt. Dit is één van de meest expressieve en esthetische programma’s die we ooit speelden.”

Bekijk de trailer:


 


Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.