Meer dan 50.000 kinderen in vier provincies aan de slag met Nedersaksische Wiesneus

Overal waar de confetti ligt, wordt Nedersaksisch gesproken. Niet alleen in Nederland, maar ook over de grens in Duitsland. (Uit: Wiesneus 2019, Illustratie Natascha Stenvert)

Kindertijdschrift in dialect

Een recept voor ‘raere mengelmoes’ (freakshake), puzzels, rijmpjes en liedjes én domme schapenmoppen: je vindt het in de Wiesneus. En dat allemaal in het Nedersaksisch: een taal die in Noord-oost Nederland gesproken wordt.

Het Nedersaksisch
Het Nedersaksisch is een heel oude taal: ouder zelfs dan het Standaardnederlands. Kinderen in Groningen, Drenthe, Overijssel, Gelderland en sommige stukjes van Friesland (Stellingwerven) en Flevoland (Urk) horen deze taal nog veel om zich heen, van hun opa’s en oma’s bijvoorbeeld. En sommige kinderen spreken het zelf ook! Die kinderen zijn meertalig: ze spreken meer dan één taal.

Maart dialectmaand
Maart 2022 is ‘dialectmaand’: de maand waarin het Nedersaksisch veel extra aandacht krijgt. Niet alleen met een gratis tijdschrift voor kinderen, maar ook voor grote mensen, met dialectdagen, radio-uitzendingen en theater in het Nedersaksisch.

Ruim 50.000 leerlingen krijgen in maart 2022 gratis de Wiesneus, om er zelf in te lezen én eruit voorgelezen te gaan worden. De Wiesneus verschijnt in vier varianten: kinderen in Groningen (6.000 Wiesneuzen), Drenthe (27.000), Overijssel (13.000) en de Achterhoek (8.000) hebben elk een eigen editie, in het dialect dat daar gesproken wordt. Dat heet dan bijvoorbeeld ‘Gronings’, ‘Drents of ‘Achterhoeks’. Het Nedersaksisch klinkt namelijk overal weer net een beetje anders. Net als het Nederlands overal in Nederland en Vlaanderen net weer anders klinkt. Alleen het Nederlands heeft een standaard spelling, die je op school leert. Het Nedersaksisch heeft dat (nog) niet.

Streektalen? Spreektalen!
Op zoveel mogelijk scholen worden kinderen voorgelezen uit de Wiesneus Streektalen zijn namelijk in de eerste plaats spreektalen. En als de juf of meester dat te spannend vindt? Dan komt er een gast-juf of –meester voorlezen. Veel mensen spreken namelijk wel Nedersaksisch, maar lang niet iedereen kan ook Nedersaksisch lezen en schrijven, want dat hebben ze nooit geleerd.

Ook voor kinderen die thuis geen Nedersaksisch horen is het goed een keer iets met die taal te doen: hoe meer talen je hoort, hoe beter en makkelijker later andere talen kunt leren en hoe beter je wordt in taal!

Ook de Wiesneus bij jou op school?
Stuur een berichtje aan de streektaalstichting bij jou in de buurt: de IJsselacademie (Overijssel), het Twentehoes, het Centrum voor Groninger Taal en Cultuur, het Drentse Huus van de Taol of het Erfgoedcentrum Achterhoeks en Liemers (Gelderland). Of vraag je juf of meester!
Staat je school in een andere provincie? Mail ons gerust, wie weet kunnen we je toch een paar exemplaren opsturen. Of kijk op de website, www.wiesneus.nl, voor spelletjes, liedjes en online voorleesverhalen in het Nedersaksisch.


 

Heb je een nieuwstip of nieuwe informatie? Tip de redactie via een WhatsApp-bericht: 06 39861673

 

 


Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*